De brief van de apostel Paulus aan die van Efeze


De stad Efeze werd rond 1000 v.C. door Griekse kolonisten gesticht op de westkust van Klein-Azië, in het huidige Turkije. In 133 v.C. veroverden de Romeinen de stad; zij heersten tot 263 n.C., toen de Goten Ephesus grotendeels verwoestten. Daarbij ging ondermeer de tempel van Artemis verloren, het zgn. Artemisium, een van de zeven wereldwonderen.

Rond het begin van de jaartelling was Efeze na Alexandrië en Antiochië de belangrijkste stad in het oosten van het Romeinse rijk. De derde reis van de apostel Paulus voerde hem naar Efeze, waar hij van 53 tot 55 n.C. verbleef. In de stad was een belangrijke christelijke gemeente.

Deskundigen zijn het niet eens over de echtheid van de brief. Er zijn allerlei aanwijzingen die erop zouden wijzen dat de brief geschreven is door een leerling van Paulus, en dus niet door de apostel zelf. Maar daar staan weer andere aanwijzingen tegenover. Volgens die stroming schreef Paulus de brief rond 62 vanuit gevangenschap te Rome. Er bestaat wel min of meer overeenstemming over de 'doelgroep' van de brief: het lijkt erop dat de brief oorspronkelijk gericht was aan meerdere gemeenten in Klein-Azië en later herschreven is 'aan die van Efeze'.

Inhoudelijk ligt de nadruk op het belang van eenheid binnen de christelijke gemeente, waarin zowel joden als niet-joden welkom zouden zijn. Er zijn veel overeenkomsten met de brief aan de Kolossensen, hoewel die aan de Efeziërs veel minder polemisch is.