Vindplaatsen van het woord aholibama in het oude testament (6 verzen):

Genesis 36:2
Ezau nam zijn vrouwen uit de dochteren van Kanaän, Ada, de dochter van Elon, den Hethiet, en Aholibama, de dochter van Ana, de dochter van Zibeon, den Heviet;

Genesis 36:5
En Aholibama baarde Jehus, en Jaëlam, en Korah. Dit zijn de zonen van Ezau, die hem geboren zijn in het land Kanaän.

Genesis 36:14
En dit zijn geweest de zonen van Aholibama, dochter van Ana, dochter van Zibeon, Ezau's huisvrouw; en zij baarde aan Ezau Jehus, en Jaëlam, en Korah.

Genesis 36:18
En dit zijn de zonen van Aholibama, de huisvrouw van Ezau: de vorst Jehus, de vorst Jaëlam, de vorst Korah; dat zijn de vorsten van Aholibama, de dochter van Ana, de huisvrouw van Ezau.

Genesis 36:25
En dit zijn de zonen van Ana: Dison; en Aholibama was de dochter van Ana.

Genesis 36:41
De vorst Aholibama, de vorst Ela, de vorst Pinon,