Vindplaatsen van het woord beving in de apocriefe geschriften (8 verzen):

4 Ezra 15:36
En de mest der mensen zal komen tot aan de gordel der kemelen, en daar zal grote vrees en beving zijn op aarde.

4 Ezra 15:37
En die de onstuimigheid zien, zullen verschrikken, en beving zal hen bevangen.

Judith 2:18
En een vrees en beving voor hem overviel degenen, die aan de zee woonden, die daar waren in Sidon en Tyrus, en die daar woonden te Sur en Okina, en allen die daar woonden tot Jemnaän; en die daar woonden in Azote en Askalon vreesden hem uitermate zeer.

Judith 15:1
EN als die in de tenten waren dat hoorden, ontzetten zij zich over hetgeen geschied was, en vrees en beving viel op hen.

Boek der Wijsheid 11:13
Want een dubbel verdriet beving hen en een zuchten, met de gedachtenis der dingen die voorbijgegaan waren.

Jezus Sirach 16:19
De bergen en de fundamenten der aarde worden tegelijk geschud onder elkander door beving, als de Here daarop ziet.

1 Makkabeeën 7:18
En een vreze voor hen, en een beving viel op het ganse volk, zodat zij zeiden: Daar is geen waarheid, noch recht onder hen, want zij hebben het verbond en de eed, die zij gezworen hadden, verbroken.

2 Makkabeeën 15:23
En nu, gij prins der hemelen, wil uw goede engel voor ons heenzenden, tot vrees en beving.