Vindplaatsen van het woord baäna in het oude testament (4 verzen):
1 Koningen 4:12
Baäna, de zoon van Ahilud, had Taanach, en Megiddo, en het ganse Beth-sean, hetwelk is bij Zartana, beneden van Jizreël, van Beth-sean aan tot Abel-mehola, tot op gene zijde van Jokmeam.
1 Koningen 4:16
Baäna, de zoon van Husai, was in Aser en in Aloth.
1 Kronieken 11:30
Maharai, de Netofathiet; Heled, de zoon van Baäna, de Netofathiet;
Nehemia 10:27
Malluch, Harim, Baäna.
Statenvertaling on line - bijbel en kunst