Vindplaatsen van het woord baktanden in het oude testament (4 verzen):
Job 29:17
En ik verbrak de baktanden des verkeerden, en wierp den roof uit zijn tanden.
Psalmen 58:7
O God! verbreek hun tanden in hun mond; breek af de baktanden der jonge leeuwen, o HEERE!
Spreuken 30:14
Een geslacht, welks tanden zwaarden, en welks baktanden messen zijn, om de ellendigen van de aarde en de nooddruftigen van onder de mensen te verteren.
Joël 1:6
Want een volk is opgekomen over mijn land, machtig en zonder getal; zijn tanden zijn leeuwentanden, en het heeft baktanden eens ouden leeuws.
Statenvertaling on line - bijbel en kunst