Vindplaatsen van het woord blijven in de apocriefe geschriften (30 verzen):

4 Ezra 3:31
Ik kan niet bedenken, hoe deze weg zo moet blijven. Doet dan Babylon beter dan Sion?

4 Ezra 6:41
En op de tweede dag schiept gij de lucht van het firmament, en hebt die bevolen, dat zij onderscheid zou maken tussen de wateren, zodat een deel opwaarts zou trekken, en een deel beneden zou blijven.

4 Ezra 10:4
En ik heb voorgenomen niet weder in de stad te komen, maar hier te blijven, en niet te eten noch te drinken, en zonder ophouden te treuren en te vasten totdat ik sterf.

4 Ezra 10:51
Want daarom heb ik u gezegd, dat gij zoudt in een veld blijven, waar geen huis was gebouwd.

4 Ezra 10:58
De nacht nu die morgen wezen zal, zult gij hier blijven.

4 Ezra 15:27
Want nu zijn de ongevallen over de aardbodem gekomen, en gij zult in dezelve blijven. Want God zal u niet verlossen, omdat gij tegen hem zondigt.

4 Ezra 16:33
En het land zal woest blijven, en zijn velden zullen verouderen, en zijn wegen en al zijn paden zullen met doornen bewassen, omdat er geen mensen door hetzelve zullen gaan.

Judith 7:19
En Ozias zeide tot hen: Hebt goede moed, broeders, laat ons nog vijf dagen standvastig blijven, waarin de Here onze God zijn barmhartigheid over ons zal wenden, want hij zal ons tot het einde toe niet verlaten.

Judith 11:3
Maar nu, zeg mij, waarom gij van hen gevloden en tot ons gekomen zijt, want gij komt tot uw behoudenis; heb goede moed, gij zult deze nacht bij het leven blijven, en ook voortaan; want daar is niemand die u zal verongelijken, maar een ieder zal u weldoen, gelijk als geschiedt de knechten mijns heren, van de koning Nabuchodonosor.

Judith 11:14
Want uw dienstmaagd vreest God, dienende nacht en dag de God des hemels. En nu ik zal bij u blijven, mijn heer, en uw dienstmaagd zal des nachts uitgaan in het dal, en ik zal God aanbidden, en Hij zal mij verkondigen wanneer zij hun zonden zullen begaan hebben; en ik zal komen en u zulks aanbrengen, en gij zult met uw gehele macht uittrekken; en daar is geen van hen, die u zal wederstaan.

Boek der Wijsheid 3:9
Die op hem betrouwen zullen de waarheid verstaan, en de gelovigen zullen in liefde bij hem blijven, want genade en barmhartigheid is in zijn heiligen, en opzicht over zijn uitverkorenen.

Jezus Sirach 4:17
Indien hij haar vertrouwt, zo zal hij haar beërven, en zijn nakomelingen zullen in bezitting blijven.

Jezus Sirach 7:22
Hebt gij vee, zo heb opzicht daarop, en zo het u nut is, laat het bij u blijven.

Jezus Sirach 12:14
Hij zal een uur bij u blijven in een gerechte staat, en indien gij zoudt uitwijken, zo zal hij niet volharden.

Jezus Sirach 16:11
En alzo heeft de Here zeshonderd duizend mannen te voet, welke tezamen vergaderd waren in de hardigheid hunner harten, door ontferming en kastijding behouden, geselende, ontfermende, slaande, genezende; indien dan een hardnekkige zou zijn onder het volk, het ware een wonder dat die ongestraft zou blijven.

Jezus Sirach 21:26
De onwijze zal over de deur in het huis kijken, maar een man die wel opgevoed is, zal buiten blijven staan.

Jezus Sirach 22:5
Een stoute dochter maakt vader en man beschaamd, en van beiden zal zij ongeëerd blijven.

Jezus Sirach 22:21
Palen omhoog gezet tegen de wind, kunnen niet blijven,

Jezus Sirach 37:27
Een wijze zal heerlijkheid beërven onder zijn volk, en zijn naam zal in eeuwigheid blijven.

Jezus Sirach 42:29
Al deze dingen leven en blijven in der eeuwigheid in al hun gebruik en zijn hem alle gehoorzaam.

Baruch 2:21
Alzo spreekt de Here: Neigt uw schouder om de koning van Babylonië te dienen, zo zult gij blijven zitten in het land dat ik uw vaderen gegeven heb.

Baruch 6:2
In Babylonië gekomen zijnde, zult gij daar vele jaren en lange tijd blijven, namelijk tot zeven geslachten toe, maar daarna zal ik ulieden van daar weder uitvoeren met vrede.

Esther (apocr.) 16:11
En dat hij door allen aangebeden werd, en wij hem lieten blijven de tweede persoon van ons koninkrijk.

1 Makkabeeën 6:49
En hij maakte vrede met degenen, die uit Bethsura waren; en zij trokken uit de stad, dewijl zij daar geen leeftocht meer hadden, om in de stad besloten te blijven, en het een sabbats jaar des lands was.

1 Makkabeeën 10:38
En aangaande de drie streken, die van het land van Samarië aan Judea gevoegd zijn, zullen aan Judea gevoegd blijven, dat zij gerekend worden onder één te zijn, om geens anderen macht onderworpen te zijn, dan van de hogepriester.

1 Makkabeeën 12:47
En hij liet bij zich blijven drieduizend man, van welke hij tweeduizend liet gaan in Galilea, en duizend trokken met hem.

1 Makkabeeën 15:7
Dat Jeruzalem, en het heiligdom zullen vrij zijn, en al de wapenen, die gij bereid hebt, en de sterkten, die gij gebouwd en die gij nu hebt, die zullen uwe blijven.

2 Makkabeeën 6:20
Voor zich uitspuwende, op zulk een wijze als het degenen betaamt, die zich willen blijven verdedigen tegen die dingen, welke niet geoorloofd zijn te proeven, om de liefde van het leven te behouden.

2 Makkabeeën 12:2
Doch de oversten van die plaatsen, Timotheüs en Apollonius, de zoon van Genneüs, en bovendien ook Hieronymus, en Demofon, en benevens deze Nicanor, overste van Cyprus, lieten hun niet toe, dat zij in rust mochten blijven, en hun dingen in stilte doen.

3 Makkabeeën 3:8
Verder de koning, door de tegenwoordige voorspoed zich verhovaardigende, gaf geen acht op de kracht van de grote God, maar meende dat hij gestadig bij hetzelfde voornemen zou blijven, ja schreef tegen hen deze brief: