Vindplaatsen van het woord cederboom in het oude testament (3 verzen):

1 Koningen 4:33
Hij sprak ook van de bomen, van den cederboom af, die op den Libanon is, tot op den hysop, die aan den wand uitwast; hij sprak ook van het vee, en van het gevogelte, en van de kruipende dieren, en van de vissen.

Psalmen 92:13
De rechtvaardige zal groeien als een palmboom; hij zal wassen als een cederboom op Libanon.

Jesaja 41:19
Ik zal in de woestijn den cederboom, den sittimboom, en den mirteboom, en den olieachtigen boom zetten; Ik zal in de wildernis stellen den denneboom, den beuk, en den busboom te gelijk;