Vindplaatsen van het woord duizend in de apocriefe geschriften (28 verzen):
3 Ezra 1:9
Doch Chelkia, en Zacharia, en Suëlus, die Oversten des tempels waren, schonken aan de priesters voor het Pascha, tweeduizendzeshonderd schapen, en driehonderd kalveren. Maar Jechonia, en Semea, en Nathanaël zijn broeder, en Hasabia en Ochiël en Joram, overste over duizend, gaven de Levieten, voor het Pascha vijfduizend schapen, en zevenhonderd kalveren.
3 Ezra 2:13
Het getal nu van deze was: duizend gouden drankofferschalen, duizend zilveren drankoffer-schalen, negenentwintig zilveren rookpannen, dertig gouden bekers, tweeduizendvierhonderdendertig zilveren bekers, en andere vaten tot duizend.
3 Ezra 5:2
En Darius zond met hen duizend ruiters, om hen in vrede te geleiden naar Jeruzalem, met muziek, trommelen en fluiten,
3 Ezra 5:13
De kinderen van Babaï zeshonderddrieëndertig. De kinderen van Argas duizend driehonderd tweeëntwintig.
3 Ezra 5:45
En te geven tot de heilige schatkist der werken, duizend talenten gouds, en vijfduizend talenten zilvers, en honderd priesterlijke kledingen.
4 Ezra 6:51
En gij hebt aan Behemoth het éne deel gegeven, dat op de derde dag was gedroogd, opdat hij daarin zou wonen, waar duizend bergen zijn.
Judith 2:5
Dit zegt de grote koning, de heer der ganse aarde: ziet gij zult van voor mijn aangezicht uitgaan, en gij zult met u nemen mannen die op hun sterkte betrouwen, tot honderd en twintig duizend voetknechten, en een menigte paarden met hun ruiters, tot twaalfduizend; en gij zult uittrekken tegen het gehele land naar het westen, omdat zij het woord mijns monds ongehoorzaam zijn geweest; en zult hen ontbieden, dat zij mij aarde en water zullen toebereiden, daar ik tegen hen zal uittrekken in mijn toorn, en ik zal het ganse aangezicht der aarde bedekken met de voeten van mijn heerleger, en ik zal hen die overgeven tot een roof; en hun gekwetsten zullen hun valleien en waterbeken vullen, en de overvloeiende rivier zal met hun doden vervuld worden, en ik zal hun gevangenen voeren tot de uiterste einden der ganse aarde. Doch gij, uittrekkende zult tevoren al hun landpalen innemen, en zij zullen zich aan u overgeven, en gij zult mij die bewaren tot de dag van hun bestraffing.
Jezus Sirach 16:3
Want één rechtvaardige is beter dan duizend zulken.
Jezus Sirach 16:11
En alzo heeft de Here zeshonderd duizend mannen te voet, welke tezamen vergaderd waren in de hardigheid hunner harten, door ontferming en kastijding behouden, geselende, ontfermende, slaande, genezende; indien dan een hardnekkige zou zijn onder het volk, het ware een wonder dat die ongestraft zou blijven.
Jezus Sirach 18:9
Gelijk een droppel water is te rekenen tegen het water van de zee, en een greintje zand tegen het zand aan de zee, zo zijn duizend jaren tegen de dagen der eeuwigheid.
Jezus Sirach 39:15
Indien hij in het leven blijft, zo zal hij een betere naam nalaten dan duizend anderen; en indien hij komt te rusten, zo verkrijgt hij die voor zich.
Jezus Sirach 41:7
Of gij tien, of honderd, of duizend jaren leeft, in het graf is geen bestraffing des levens.
Jezus Sirach 41:15
Draag zorg om een goede naam te verkrijgen, want die zal u bijblijven meer dan duizend grote schatten gouds.
Gebed van Azaria (Dan. 3) 1:40
Maar neem ons aan, in een verbroken hart, en in een vernederde geest; gelijk als in brandoffer van rammen en stieren, en in vele duizend vette schapen, zo zij heden onze offerande voor u, en zij volmaakt bij u, want zij zullen niet beschaamd worden, die op u betrouwen.
1 Makkabeeën 2:38
En zij stonden op tegen hen om te strijden op de sabbat, en zij werden doodgeslagen, zij, en hun huisvrouwen, en hun kinderen, en hun vee, tot duizend zielen der mensen.
1 Makkabeeën 3:55
En na deze stelde Judas oversten des volks, oversten over duizend, en oversten over honderd, oversten over vijftig, en oversten over tien.
1 Makkabeeën 4:1
En Gorgias nam tot zich vijfduizend man te voet, en duizend uitgelezen ruiters, en dit leger brak op des nachts;
1 Makkabeeën 5:13
En al onze broeders, die in de plaatsen van Toubin waren, zijn gedood, en zij hebben hun vrouwen gevangen genomen, en hun kinderen, en hun huisraad, en hebben daar vernield omtrent duizend mannen.
1 Makkabeeën 6:35
En zij verdeelden de beesten onder de slagorden, en zij stelden bij elke olifant duizend mannen te voet, voorzien met pantsers van ijzeren maliën, en die koperen helmen op hun hoofden hadden, en vijfhonderd uitgelezen ruiters werden geordineerd bij elk beest.
1 Makkabeeën 9:49
En aan de zijde van Bacchides vielen die dag omtrent duizend man, en hij keerde weder naar Jeruzalem.
1 Makkabeeën 10:80
En Apollonius liet achter hen in het verborgene duizend ruiters.
1 Makkabeeën 11:43
En Jonathan zond hem naar Antiochië drie duizend kloeke en dappere mannen, en die kwamen tot de koning, en de koning werd verheugd over hun komst.
1 Makkabeeën 12:47
En hij liet bij zich blijven drieduizend man, van welke hij tweeduizend liet gaan in Galilea, en duizend trokken met hem.
1 Makkabeeën 14:24
Na deze zond Simon Numenius naar Rome, hebbende met zich een groot gouden schild van duizend ponden gewichts, om met hen het verbond van gemeenschap der wapenen te bevestigen.
1 Makkabeeën 15:18
En hebben ons gebracht een schild van duizend ponden.
1 Makkabeeën 16:19
En hij zond anderen naar Gazara, om Johannes om te brengen; en hij zond brieven aan de oversten over duizend, dat zij bij hem zouden komen, opdat hij hun zilver en goud en geschenken zou geven.
2 Makkabeeën 5:5
En als er een vals gerucht gekomen was, dat Antiochus het leven met de dood verwisseld had, Jason niet minder dan duizend mannen vergaderd hebbende, heeft terstond een inval gedaan in de stad; en als zij op de muren gedreven waren, en eindelijk de stad ingenomen was, zo vlood Menelaüs op de burcht.
2 Makkabeeën 8:34
En de overgoddeloze Nicanor, die duizend kooplieden bijeen gebracht had om de Joden aan hen te verkopen,
Statenvertaling on line - bijbel en kunst