Vindplaatsen van het woord doek in het nieuwe testament (2 verzen):

Johannes 13:4
Stond op van het avondmaal, en legde Zijn klederen af, en nemende een linnen doek, omgordde Zichzelven.

Johannes 13:5
Daarna goot Hij water in het bekken, en begon de voeten der discipelen te wassen, en af te drogen met den linnen doek, waarmede Hij omgord was.