Vindplaatsen van het woord dode in de apocriefe geschriften (16 verzen):
3 Ezra 4:7
Indien hij zegt dat men dode, zo doden zij; indien hij zegt dat men aflate, zo laten zij af.
4 Ezra 10:30
En ik lag als een dode, en mijn verstand was mij benomen, en hij nam mij bij de rechterhand, en sterkte mij, en stelde mij op mijn benen, en zeide tot mij:
Tobias (Tobit) 2:9
En de buren belachten mij, zeggende: Nog vreest deze niet gedood te worden, om dier zake wil; hij is voortvluchtig geweest, en ziet, wederom begraaft hij de dode.
Boek der Wijsheid 15:17
Maar sterfelijk zijnde maakt hij een dode, met zijn onrechtvaardige handen; want hij is beter dan hetgeen hij als god eert, dewijl hij leven heeft, maar zij hadden het nooit.
Jezus Sirach 7:35
Gaven zijn aangenaam bij alle levenden, en aan een dode verhinder de weldadigheid niet.
Jezus Sirach 17:23
Van een dode, als die van een die niet meer is, gaat de dankzegging verloren.
Jezus Sirach 18:29
Die verstandig zijn in woorden, die handelen ook wijs; en gieten uit, als een regen, scherpzinnige spreuken tot het leven. Beter is het betrouwen op de Here alleen, daar het dode hart hangt aan hetgeen dat dood is.
Jezus Sirach 22:10
Ween over een dode, want het licht heeft hem begeven. Beween ook een dwaas, want het verstand heeft hem begeven.
Jezus Sirach 22:11
Ween over een dode zachter, dewijl hij rust.
Jezus Sirach 22:13
De rouw over een dode duurt zeven dagen, maar over een dwaas en goddeloze al de dagen zijns levens.
Jezus Sirach 34:27
Als iemand is gewassen nadat hij een dode heeft aangeraakt, en die weder aanraakt, welke nuttigheid heeft hij van zijn wassing?
Jezus Sirach 38:16
Mijn kind over een dode laat tranen vallen, en begin te wenen als die zware dingen geleden hebt; doch omwind zijn lichaam naar behoren, en veracht zijn begrafenis niet.
Jezus Sirach 38:24
Als de dode rust, zo laat ook zijn gedachtenis rusten, en troost u over hem, wanneer zijn geest uitgegaan is.
Jezus Sirach 48:5
Gij, die een dode uit de dood hebt opgewekt, en een ziel uit het graf door het woord des Allerhoogsten.
Baruch 6:70
Insgelijks ook zijn hun houten, en vergulde, en verzilverde goden een dode gelijk, die in het donker geworpen ligt.
1 Makkabeeën 11:4
En toen hij nabij Azote kwam, zo toonden zij hem de tempel van Dagon met vuur verbrand, en Azote met haar voorsteden verwoest, en de dode lichamen weggeworpen, en de verbrande mensen, die Jonathan verbrand had in de oorlog. Want zij hadden ze tot hopen gemaakt in zijn weg.
Statenvertaling on line - bijbel en kunst