Vindplaatsen van het woord ecbatana in de apocriefe geschriften (9 verzen):
Tobias (Tobit) 3:7
Even ten zelfden dage gebeurde het, dat Sara, een dochter van Raguël, te Ecbatana in Medië, ook zelf gesmaad werd door de dienstmaagden haars vaders.
Tobias (Tobit) 6:7
En de jongeling deed gelijk de engel hem gezegd had, maar de vis braadden en aten zij, en zij reisden beiden hun weg, totdat zij kwamen tot bij Ecbatana.
Tobias (Tobit) 6:23
En als Tobias dat hoorde, kreeg hij haar lief, en zijn ziel hing zeer aan haar, en zij kwamen te Ecbatana.
Tobias (Tobit) 14:14
En als Anna, zijn moeder, gestorven was, zo begroef hij die bij zijn vader. En Tobias met zijn vrouw en zijn zonen vertrok naar Ecbatana, tot Raguël, zijn schoonvader.
Tobias (Tobit) 14:16
En hij stierf, oud zijnde honderdenzevenentwintig jaren te Ecbatana in Medië.
Judith 1:1
IN het twaalfde jaar van het koninkrijk van Nabuchodonosor, die regeerde in de grote stad Nineve in de dagen van Arfaxad, welke regeerde over de Meden te Ecbatana,
Judith 1:2
En bouwde rondom Ecbatana muren van gehouwen stenen, die drie ellen waren in de breedte, en zes ellen in de lengte; en maakte de hoogte des muurs zeventig ellen, en zijn breedte vijftig ellen;
Judith 1:14
En kwam tot Ecbatana toe, en nam de torens in, en verwoestte haar straten, en haar sieraad maakte hij tot schande.
2 Makkabeeën 9:3
En als hij te Ecbatana was, werd hem tijding gebracht van hetgeen Nicanor en Timotheüs wedervaren was.
Statenvertaling on line - bijbel en kunst