Vindplaatsen van het woord gaarne in de apocriefe geschriften (9 verzen):

4 Ezra 7:5
Want wie zou gaarne in de zee willen gaan, en ze zien en beheersen; indien hij niet door het enge ging, hoe zou hij in de wijdte kunnen komen?

Boek der Wijsheid 13:6
Maar nochtans is in deze de klacht gering, want ook misschien worden zij verleid, God zoekende die zij gaarne wilden vinden;

Jezus Sirach 2:4
Neem gaarne aan al wat u zou mogen overkomen, en in de verandering van uw vernedering zijt lankmoedig.

Baruch 6:8
En als voor een maagd, die gaarne versierd is, nemen zij goud en bereiden kronen voor de hoofden van hun goden.

1 Makkabeeën 4:6
En zo haast het dag was, is Judas gezien in het vlakke veld met drieduizend man; doch zij hadden geen deksels noch zwaarden, zo zij gaarne wilden.

1 Makkabeeën 4:27
En hij dit horende, werd verslagen, en verloor de moed, omdat Israël niet was overkomen wat hij gaarne gewild had, en het niet was uitgevallen, gelijk hem de koning bevolen had.

2 Makkabeeën 2:28
Gelijkerwijs het iemand, die een grote maaltijd toebereidt, en die een ieder wel zoekt te dienen, niet licht is, om van velen goede dank te behalen, zo zullen wij nochtans gaarne deze moeite nemen.

3 Makkabeeën 3:10
Nadat wij onze krijgstocht in Azië gedaan hadden, die gijlieden ook zelf weet, die door der goden onverhinderlijke bijstand naar onze wil ten einde gebracht is, zo hebben wij gedacht, niet met geweld van wapen maar met zachtheid en veel vriendelijkheid de volken, die in Celo-Syrië en Fenicië wonen, goedertieren te behandelen, en hen gaarne goed te doen.

3 Makkabeeën 5:14
Toen nu de koning dit gezegd had, prezen allen die daar tegenwoordig waren hem tegelijk, gaarne en met blijdschap, en keerden een ieder weder naar zijn eigen huis; en zij gebruikten de tijd van die nacht niet zozeer om te slapen, als wel om allerlei bespottingen tegen deze, zo men meende, ellendige te bedenken.