Vindplaatsen van het woord hovaardigen in de apocriefe geschriften (8 verzen):

Jezus Sirach 3:29
Als ongeluk over de hovaardigen gebracht wordt, zo is daar geen genezing; zijn aanslagen zullen ontworteld worden, want een plant der boosheid is in hem ingeworteld.

Jezus Sirach 11:31
Gelijk een gevangen veldhoen in een kooi, alzo is het hart des hovaardigen, en gelijk een bespieden die daarover komt om te doen vallen.

Jezus Sirach 13:23
Gelijk de nederigheid is der hovaardigen gruwel, zo is ook de arme voor de rijke een gruwel.

Jezus Sirach 21:5
Slagen en smaadheid verwoesten rijkdom; zo zal het huis der hovaardigen verwoest worden.

Jezus Sirach 27:15
De twist der hovaardigen brengt bloedvergieting, en hun schelden is moeilijk om te horen.

Jezus Sirach 27:29
De hovaardigen bespotten en verwijten, en de wraak loert op hen gelijk een leeuw.

Jezus Sirach 31:29
De oven beproeft hetgeen door indompeling verstaald is, zo doet ook de wijn in het hart der hovaardigen als zij dronken zijn.

Jezus Sirach 51:13
Ik riep de Here de vader mijns Heren aan, dat hij mij niet wilde verlaten in de dag der verdrukking, ten tijde als ik geen hulp had tegen de hovaardigen.