Vindplaatsen van het woord ijs in het oude testament (3 verzen):

Job 6:16
Die verdonkerd zijn van het ijs, en in dewelke de sneeuw zich verbergt.

Job 38:29
Uit wiens buik komt het ijs voort, en wie baart den rijm des hemels?

Psalmen 147:17
Hij werpt Zijn ijs heen als stukken; wie zou bestaan voor Zijn koude?