Vindplaatsen van het woord jongen in de apocriefe geschriften (4 verzen):

3 Ezra 1:53
Die doodden hun jongelingen met het zwaard zelfs in de omgang van hun heilige tempel, en spaarden noch jongeling, noch maagd, noch ouden, noch jongen.

4 Ezra 2:22
Behoud de ouden en jongen binnen uw muren.

Tobias (Tobit) 9:3
Neem met u een jongen, en twee kemels, en trek naar Ragis in MediŽ, tot GabaŽl, en haal mij het geld, en breng hem mede tot de bruiloft, dewijl RaguŽl gezworen heeft, dat ik van hier niet gaan zal.

2 MakkabeeŽn 5:13
En er geschiedde een grote moord van jongen en van ouden; en mannen, en vrouwen, en kinderen werden omgebracht, en de maagden en kleine kinderen gedood.