Vindplaatsen van het woord leert in het oude testament (19 verzen):

Deuteronomium 5:1
En Mozes riep het ganse IsraŽl, en zeide tot hen: Hoor, IsraŽl! de inzettingen en rechten, die ik heden voor uw oren spreek, dat gij ze leert en waarneemt, om dezelve te doen.

Deuteronomium 11:19
En leert die uw kinderen, sprekende daarvan, als gij in uw huis zit, en als gij op den weg gaat, en als gij nederligt, en als gij opstaat;

Deuteronomium 14:23
En voor het aangezicht des HEEREN, uws Gods, ter plaatse, die Hij verkiezen zal, om Zijn Naam aldaar te doen wonen, zult gij eten de tienden van uw koren, van uw most, en van uw olie, en de eerstgeboorten uwer runderen en uwer schapen; opdat gij den HEERE, uw God, leert vrezen alle dagen.

Deuteronomium 31:19
En nu, schrijft ulieden dit lied, en leert het den kinderen IsraŽls; legt het in hun mond; opdat dit lied Mij ten getuige zij tegen de kinderen IsraŽls.

2 SamuŽl 22:35
Hij leert mijn handen ten strijde, zodat een stalen boog met mijn armen verbroken is.

Job 6:24
Leert mij, en ik zal zwijgen, en geeft mij te verstaan, waarin ik gedwaald heb.

Job 15:5
Want uw mond leert uw ongerechtigheid, en gij hebt de tong der arglistigen verkoren.

Psalmen 18:35
Hij leert mijn handen ten strijde, zodat een stalen boog met mijn armen verbroken is.

Psalmen 94:10
Zou Hij, Die de heidenen tuchtigt, niet straffen, Hij, Die den mens wetenschap leert?

Psalmen 94:12
Welgelukzalig is de man, o HEERE! dien Gij tuchtigt, en dien Gij leert uit Uw wet,

Spreuken 6:13
Wenkt met zijn ogen, spreekt met zijn voeten, leert met zijn vingeren;

Spreuken 22:25
Opdat gij zijn paden niet leert, en een strik over uw ziel haalt.

Jesaja 1:17
Leert goed te doen, zoekt het recht, helpt den verdrukte, doet den wees recht, handelt de twistzaak der weduwe.

Jesaja 9:14
(De oude en aanzienlijke, die is de kop; maar de profeet, die valsheid leert, die is de staart.)

Jesaja 26:10
Wordt den goddeloze genade bewezen, hij leert evenwel geen gerechtigheid, hij drijft onrecht in een gans richtig land, en hij ziet de hoogheid des HEEREN niet aan.

Jesaja 28:26
En zijn God onderricht hem van de wijze, Hij leert hem.

Jesaja 48:17
Alzo zegt de HEERE, uw Verlosser, de Heilige IsraŽls: Ik ben de HEERE, uw God, Die u leert, wat nut is, Die u leidt op den weg, dien gij gaan moet.

Jeremia 9:20
Hoort dan des HEEREN woord, gij vrouwen! en uw oor ontvange het woord Zijns monds, en leert uw dochters weeklagen, en elke een haar metgezellin klaagliederen.

Jeremia 10:2
Zo zegt de HEERE: Leert den weg der heidenen niet, en ontzet u niet voor de tekenen des hemels, dewijl zich de heidenen voor dezelve ontzetten.