Vindplaatsen van het woord linkerhand in de apocriefe geschriften (5 verzen):

3 Ezra 4:30
En zij nam de kroon van het hoofd des konings, zette die zichzelf op, en sloeg de koning met haar linkerhand.

3 Ezra 9:44
En aan de linkerhand ChaldeŁs, en MisaŽl, Melchias, Haothasufus, Nabarias, Zacharias.

1 MakkabeeŽn 2:22
Het woord des konings zullen wij niet horen, dat wij zouden overtreden onze godsdienst ter rechter hand of ter linkerhand.

1 MakkabeeŽn 5:46
En als zij gekomen waren tot Efron toe (dit is, een grote stad op de ingang des lands, zeer sterk, en men kon ze noch ter rechter hand noch ter linkerhand voorbij trekken, maar men moest midden daardoor trekken),

1 MakkabeeŽn 6:45
En hij liep zeer stoutmoedig op hem toe, midden in de slagorden, en hij sloeg dood ter rechter hand en ter linkerhand, en zij verdeelden zich ter weerszijden van hem.