Vindplaatsen van het woord offerande in de apocriefe geschriften (24 verzen):

3 Ezra 1:17
Zo werd voleindigd alles wat tot de offerande des Heren op die dag behoorde.

3 Ezra 6:29
Ook dat uit de inkomsten van Celo-Syrië en Fenicië met vlijt een bijleg gegeven worde aan de landvoogd Zerubabel, voor deze mensen, tot een offerande de Here, namelijk tot stieren, rammen en lammeren;

3 Ezra 8:67
Zesennegentig rammen, tweeënzeventig lammeren, twaalf bokken tot dankoffer: alles tot een offerande voor de Here;

4 Ezra 10:45
En dat zij u gezegd heeft, dat zij dertig jaren onvruchtbaar is geweest, dit is omdat het dertig jaren zijn geweest, dat nog geen offerande in dezelve was geofferd.

Judith 16:19
Maar gij zult genadig zijn degenen die u vrezen, want alle offerande ten goeden reuk, is een klein ding voor u, en al het vette tot brandoffer is het allerminste, maar die de Here vreest is altijd groot.

Jezus Sirach 7:33
En de gaven der schouderen, en de offerande der heiliging, en de eerstelingen der heilige dingen.

Jezus Sirach 34:19
Die van onrechtvaardig goed offert, diens offerande is bespottelijk, en de gaven der goddelozen behagen God niet.

Jezus Sirach 35:6
De offerande van de rechtvaardige maakt het altaar vet, en de goede reuk daarvan komt voor de Allerhoogste.

Jezus Sirach 38:11
Geef de Here een welriekende reuk, en een gedachtenis van meelbloem, en breng hem een vette offerande, als die niet eerst begint, en geef de geneesheer plaats.

Jezus Sirach 50:13
Rondom hem was een omstaande menigte zijner broeders, gelijk spruiten van cederbomen op de Libanon, en omsingelden hem gelijk scheuten van palmbomen; namelijk al de zonen van Aäron in hun heerlijkheid, en de offerande des Heren was in hun handen, in tegenwoordigheid der ganse gemeente van Israël;

Jezus Sirach 50:14
En voleindigende de diensten op het altaar, om te versieren de offerande des Allerhoogsten en des almachtigen,

Gebed van Azaria (Dan. 3) 1:40
Maar neem ons aan, in een verbroken hart, en in een vernederde geest; gelijk als in brandoffer van rammen en stieren, en in vele duizend vette schapen, zo zij heden onze offerande voor u, en zij volmaakt bij u, want zij zullen niet beschaamd worden, die op u betrouwen.

1 Makkabeeën 1:48
Dat zij de brandoffers, de offerande en het drankoffer uit het heiligdom weren zouden.

2 Makkabeeën 1:23
En als de offerande verteerd werd, deden de priesters een gebed, en al het volk, Jonathan beginnende, en de anderen, met Nehemia, mede eenstemmig dat volgende.

2 Makkabeeën 1:26
Ontvang deze offerande voor al uw volk Israël, en bewaar uw deel, en heilig hen.

2 Makkabeeën 1:31
En als de offerande verteerd was, zo gebood Nehemia het water, dat nog overgebleven was, te gieten op grote stenen.

2 Makkabeeën 1:33
En als dit openbaar werd, en de koning van Perzië geboodschapt, dat in de plaats, waar de weggevoerde priesters het vuur verborgen hadden, water was te voorschijn gekomen, waarmee ook Nehemia de offerande had geheiligd;

2 Makkabeeën 2:9
Want het is openbaar, hoe dat hij, met wijsheid begaafd zijnde, een offerande geofferd heeft tot inwijding en heiliging van de tempel.

2 Makkabeeën 2:10
Hoe ook Mozes tot de Here een gebed heeft gedaan, en dat het vuur van de hemel viel, en de offerande verslond; en dat zo ook Salomo gebeden heeft, en dat het vuur nederkomende de brandoffers heeft verteerd.

2 Makkabeeën 3:32
En de hogepriester, beducht zijnde dat de koning te eniger tijd zou denken, dat tegen Heliodorus door de Joden enig kwaad stuk bedreven ware, heeft voor des mans gezondheid offerande gedaan.

2 Makkabeeën 3:35
En Heliodorus, als hij God offerande had geofferd, en zeer grote beloften had beloofd aan hem, die hem het leven had wedergegeven, en als hij Onias gegroet had, trok het leger weder naar de koning;

2 Makkabeeën 4:19
Zond deze goddeloze Jason toeschouwers van Jeruzalem, alsof zij van Antiochië waren, medebrengende driehonderd drachmen zilver tot een offerande van de afgod Herkules; waarvan die ze brachten nochtans baden, dat ze tot die offerande niet zouden gebruikt worden.

2 Makkabeeën 10:3
En als zij de tempel hadden gereinigd, hebben zij een ander altaar gemaakt, en als zij uit stenen vuur hadden geslagen, en het vuur daaruit hadden ontvangen, hebben zij offerande geofferd, na de tijd van twee jaren; en hebben het reukwerk, en de lampen, en de toonbroden verzorgd.

2 Makkabeeën 12:43
En enige voorraad gemaakt hebbende uit een hoofdschatting, van tweeduizend drachmen zilver, zond die naar Jeruzalem om offerande te doen voor de zonde; gans wel en edel doende, daar hij dacht aan de opstanding.