Vindplaatsen van het woord othniël in het oude testament (6 verzen):
Jozua 15:17
Othniël nu, de zoon van Kenaz, den broeder van Kaleb, nam haar in; en hij gaf hem Achsa, zijn dochter, tot een vrouw.
Richteren 1:13
Toen nam Othniël haar in, de zoon van Kenaz, broeder van Kaleb, die jonger was dan hij; en Kaleb gaf hem Achsa, zijn dochter, tot een vrouw.
Richteren 3:9
Zo riepen de kinderen Israëls tot den HEERE; en de HEERE verwekte den kinderen Israëls een verlosser, die hen verloste, Othniël, zoon van Kenaz, broeder van Kaleb, die jonger was dan hij.
Richteren 3:11
Toen was het land veertig jaren stil, en Othniël, de zoon van Kenaz, stierf.
1 Kronieken 4:13
En de kinderen van Kenaz waren Othniël en Seraja; en de kinderen van Othniël, Hathath.
1 Kronieken 27:15
De twaalfde, in de twaalfde maand, was Heldai, de Nethofathiet, van Othniël; in zijn verdeling waren er ook vier en twintig duizend.
Statenvertaling on line - bijbel en kunst