Vindplaatsen van het woord rotsstenen in het oude testament (7 verzen):

1 SamuŽl 24:2
Toen nam Saul drie duizend uitgelezen mannen uit gans IsraŽl, en hij toog heen, om David en zijn mannen te zoeken boven op de rotsstenen der steenbokken.

Job 28:10
In de rotsstenen houwt hij stromen uit, en zijn oog ziet al het kostelijke.

Psalmen 78:15
Hij kliefde de rotsstenen in de woestijn, en drenkte hen overvloedig, als uit afgronden.

Psalmen 81:17
En Hij zou het gespijsd hebben met het vette der tarwe; ja, Ik zou u verzadigd hebben met honig uit de rotsstenen.

Jesaja 2:19
Dan zullen zij in de spelonken der rotsstenen gaan, en in de holen der aarde, vanwege den schrik des HEEREN, en vanwege de heerlijkheid Zijner majesteit, wanneer Hij Zich opmaken zal, om de aarde te verschrikken.

Jesaja 42:11
Laat de woestijn en haar steden de stem verheffen, met de dorpen, die Kedar bewoont; laat hen juichen, die in de rotsstenen wonen, en van den top der bergen af schreeuwen.

Nahum 1:6
Wie zal voor Zijn gramschap staan, en wie zal voor de hittigheid Zijns toorns bestaan? Zijn grimmigheid is uitgestort als vuur, en de rotsstenen worden van Hem vermorzeld.