Vindplaatsen van het woord stokouden in het oude testament (4 verzen):

2 Kronieken 36:17
Want Hij deed tegen hen opkomen den koning der Chaldeeën, die hun jongelingen met het zwaard in het huis huns heiligdoms doodde, en hij verschoonde de jongelingen niet, noch de maagden, de ouden noch de stokouden; Hij gaf hen allen in zijn hand.

Job 12:12
In de stokouden is de wijsheid, en in de langheid der dagen het verstand.

Job 29:8
De jongens zagen mij, en verstaken zich, en de stokouden rezen op en stonden.

Job 32:6
Hierom antwoordde Elihu, de zoon van Baracheël, den Buziet, en zeide: Ik ben minder van dagen, maar gijlieden zijt stokouden; daarom heb ik geschroomd en gevreesd, ulieden mijn gevoelen te vertonen.