Vindplaatsen van het woord uitdelers in het nieuwe testament (3 verzen):

1 Korinthiërs 4:1
Alzo houde ons een ieder mens, als dienaars van Christus, en uitdelers der verborgenheden Gods.

1 Korinthiërs 4:2
En voorts wordt in de uitdelers vereist, dat elk getrouw bevonden worde.

1 Petrus 4:10
Een iegelijk, gelijk hij gave ontvangen heeft, alzo bediene hij dezelve aan de anderen, als goede uitdelers der menigerlei genade Gods.