Vindplaatsen van het woord vaart in de apocriefe geschriften (3 verzen):

Boek der Wijsheid 7:24
Want de wijsheid is bewegelijker dan alle beweging, vaart door, en gaat door alle dingen vanwege haar reinheid.

2 Makkabeeën 11:21
Vaart wel in het honderdachtenveertigste jaar, de vierentwintigste dag der maand van Jupiter Corinthius.

2 Makkabeeën 11:38
Vaart wel. De vijftiende dag der maand Xanthicus, in het jaar honderdachtenveertig.