Vindplaatsen van het woord zur in het oude testament (5 verzen):

Numeri 25:15
En de naam der verslagene Midianietische vrouw was Kozbi, een dochter van Zur, die een hoofd was der volken van een vaderlijk huis onder de Midianieten.

Numeri 31:8
Daartoe doodden zij boven hun verslagenen, de koningen der Midianieten, Evi, en Rekem, en Zur, en Hur, en Reba, vijf koningen der Midianieten; ook doodden zij met het zwaard Bileam, den zoon van Beor.

Jozua 13:21
En alle steden des vlakken lands, en het ganse koninkrijk van Sihon, den koning der Amorieten, die te Hesbon regeerde, denwelke Mozes geslagen heeft, mitsgaders de vorsten van Midian, Evi, en Rekem, en Zur, en Hur, en Reba, geweldigen van Sihon, inwoners des lands.

1 Kronieken 8:30
En zijn eerstgeboren zoon was Abdon, daarna Zur, en Kis, en Bašl, en Nadab,

1 Kronieken 9:36
En Abdon was zijn eerstgeboren zoon, daarna Zur, en Kis, en Bašl, en Ner, en Nadab.