Omschrijving (Engelstalig): the mourning over the dead Christ.
Verwante trefwoorden: Bewening
118 kunstwerken in de collectie van het Rijksmuseum zijn getagd met deze iconclass. Pagina 1 van 12:
tekening
datering: 1500 - 1600
73D721
beeldhouwwerk
datering: ca. 1500
Op een grondje ligt Christus uitgestrekt op een lijnwaad tussen Maria en Maria-Magdalena. Op de achtergrond een kleine Calvarieberg, waarop een gewas. Maria zit met het met doornen gekroonde hoofd van Christus op haar schoot. Zij houdt de handen gevouwen en heeft haar hoofd iets opzij. Christus' ogen zijn gesloten, de mond is half geopend en de doorboorde handen liggen slap langs het lichaam. Aan zijn voeten knielt Magdalena, die met de linkerhand het lijnwaad ophoudt, terwijl zij met de rechter haar tranen afveegt met een slip van de lange smalle doek, die van haar tulband neerhangt. Maria is gekleed in een gewaad met ronde halsuitsnijding, de over het hoofd geslagen mantel valt iets terug, waardoor haar hoofddoek duidelijk is te zien. Magdalena draagt een wijde rok en een nauw jak, dat voor de borst sluit en waaronder nog het hemd zichtbaar is. De korte pofmouwen, afgezet met franje, gaan in breed uitlopende mouwen over; bij de rechterpols is nog een deel van de mouw van een ondergewaad te zien. Op het deels loshangende, deels gevlochten haar, dat in een grote lus op haar schouder hangt, draagt zij een met een kleinood versierde tulband, welke onder de kin door een sjaal wordt vastgehouden en waarvan zij het einde in de rechterhand ophoudt.
73D7211
beeldhouwwerk
datering: ca. 1500
Op een rotsachtig, langwerpig grondje staan tegenover elkaar Nicodemus en Jozef van Arimathea, die tussen hen in op een slap hangend lijnwaad het stijve lichaam van Christus dragen. Op de voorgrond knielt Maria-Magdalena, in profiel wat naar links en wat voorover, met de linkerhand het lijnwaad mede-vasthoudend, terwijl zij met de rechter het deksel oplicht van de zalfbus, die voor haar op de grond staat. Achter Christus knielt Maria met gevouwen handen over hem heen gebogen en ziet neer op het afgewende gelaat van haar zoon. Zij wordt onder de armen gesteund door St. Jan, die achter haar staat. Links van hen twee vrouwen, een met devoot gevouwen handen, de ander met een pot specerijen; beiden kijken wat afwezig. Rechts van St. Jan staat Simon van Cyrene(?), die met de rechterhand eveneens het lijnwaad vast heeft en de linker houdt boven de riem met daaraan hangende beurs. Schuin achter hem een vrouw, die de rechterhand voor de borst houdt, terwijl zij met de andere haar rok iets optilt. Op de bodem liggen een boek en, omgevallen, een tweede zalfbus met daarnaast het deksel. Nicodemus en Jozef van Arimathea zijn vrijwel overeenkomstig in gebaar en kleding, dragen ieder een rijk versierde jodenhoed met opgeslagen voorklep en een naar achteren afhangende sjerp; voorts één of twee dalmatiekachtige kostuums over een gewaad met lange mouwen; de linker figuur nog een schoudermantel en beugeltas aan een riem. Zijn armen steken door de zijsplitten van de lange mouwen van het opperkleed heen, die op de rug in een losse lus zijn gelegd; bij de rechter figuur zijn de mouwen omgeslagen. Magdalena's mantel, waar haar golvende haar overheen ligt, glijdt van de rug en bedekt voor een deel haar schoeisel. Maria draagt de mantel over het hoofd en een sluier, die voor haar langs valt.; St. Jans openhangende mantel, voor de borst met een knoop gesloten, laat een deel van zijn tuniek vrij. De vrouw links van hem draagt een tulband over haar hoofddoek en houdt met de rechteronderarm een prop van haar mantel op; de figuur links van haar heeft over het hoofd een mantel, die onder de armen wordt opgenomen, de vrouw geheel rechts een tulband met afhangende slip over een muts. Simon met kaproen en schouderkraag draagt paltrok en wambuis met riem, waaraan de beurs hangt.
73D721
beeldhouwwerk
datering: ca. 1480
Aan de voet van een uit rotsblokken opgebouwde Calvarieberg ligt Christus naar rechts uitgestrekt voor de op één knie liggende Maria. Zij ondersteunt met de rechterhand Christus’ hoofd, terwijl zij met de andere zijn linkerhand ophoudt. Links, half op de rug gezien, met één knie op de grond, wendt Maria Magdalena zich naar Christus, met de halfgeopende zalfbus tussen de linkerhand en de rechterknie; achter haar, eveneens geknield, St. Jan met opgeheven handen, de handpalmen naar buiten gekeerd, uitdrukking gevend aan zijn ontroering. Aan Christus’ voeten knielt in gebed de stichter, een Karthuizer; achter hem staat zijn schutspatroon. Deze houdt de linkerhand tegen de schouder van zijn beschermeling en duidt met de andere op Christus. Een spreukband (geschonden) verbond voorheen de handen van beide personen. Achter de schutspatroon staat waarschijnlijk Maria, de moeder van Jacobus en Johannes, eveneens met zalfbus; zij heeft haar opgeschort kleed onder de linkerarm. Achter Christus’ moeder een vierde vrouwenfiguur, wellicht Salomé, met de doornenkroon. Op de kruisberg een doodshoofd, een onderkaak en andere beenderen. Maria draagt een gewaad met V-vormige halsuitsnijding, een mantel, een hoofddoek en puntschoenen; Magdalena een nauwsluitend jak met V-vormige halsuitsnijding en een riem met gesp, voorts een hoofddoek, een van de schouders afhangende huik met terugvallende kap en een trip aan de linkervoet. St. Jan een op de borst met twee knopen gesloten mantel over een tuniek met opstaand kraagje en gordel; de schutspatroon een tuniek met gordel en een op de borst met een dubbel koord tussen twee agrafen gesloten mantel. Salomé een bourrelet, onder de kin vastgehouden door een doek, voorts een gewaad met V-vormige halsuitsnijding en onderaan omgeslagen mouwen; de derde Maria een hoofddoek met een daaraan door twee knoopjes bevestigde kindoek en een kleed, waarover een mantel.
73D7211
beeldhouwwerk
datering: 1500 - 1525
73D722, 11F4213
tekening
datering: 1600 - 1699
73D721
tekening
datering: 1508 - 1564
73D721
tekening
datering: 1620 - 1625
Van het kruis genomen, wordt Christus ondersteund door Jozef van Arimathea. Twee vrouwen houden zijn doorboorde handen vast; een derde vrouw, kijkt op hem neer, huilt en wringt haar handen. Rechts Johannes de Doper met zijn hoofd achterover gegooid kijkt omhoog. Verso: dezelfde scene met verscheidene veranderingen zodat de relatie tussen Christus en de huilende vrouwen is veranderd.
73D721
tekening
datering: 1620 - 1625
73D721
prent
datering: 1450 - 1503
Nicodemus en Jozef van Arimathea leggen het dode lichaam van Christus op de grond, bij de voet van het kruis. Maria, Johannes en de drie Maria's knielen bij het lichaam. Op de achtergrond de wederopstanding van Christus en de Anastasis, waar Christus afdaalt naar de hel, hier voorgesteld als een burcht.
73D7212, 73E123, 73D91
1 - 10 [11 - 20] [21 - 30] [31 - 40] ... [ 118 ] volgende >>>
Statenvertaling online - bijbel en kunst.
Bron gegevens en afbeeldingen op deze pagina: Rijksmuseum, Amsterdam.