woord OT NT apo Bijbel
harp210021

Vindplaatsen van harp in het Oude Testament. Het woord komt er 21 keer voor, in 20 verzen.

Genesis 31:27
Waarom zijt gij heimelijk gevloden, en hebt u aan mij ontstolen? en hebt het mij niet aangezegd, dat ik u geleid had met vreugde, en met gezangen, met trommel en met harp?

1 Samuël 16:16
Onze heer zegge toch tot uw knechten, die voor uw aangezicht staan, dat zij een man zoeken, die op de harp spelen kan; en het zal geschieden, als de boze geest Gods op u is, dat hij met zijn hand spele, dat het beter met u worde.

1 Samuël 16:23
En het geschiedde, als de geest Gods over Saul was, zo nam David de harp, en hij speelde met zijn hand; dat was voor Saul een verademing, en het werd beter met hem, en de boze geest week van hem.

Job 21:12
Zij heffen op met de trommel en de harp, en zij verblijden zich op het geluid des orgels.

Job 30:31
Hierom is mijn harp tot een rouwklage geworden, en mijn orgel tot een stem der wenenden.

Psalmen 33:2
Looft den HEERE met de harp; psalmzingt Hem met de luit, en het tiensnarig instrument.

Psalmen 43:4
En dat ik inga tot Gods altaar, tot den God der blijdschap mijner verheuging, en U met de harp love, o God, mijn God!

Psalmen 49:5
Ik zal mijn oor neigen tot een spreuk; ik zal mijn verborgene rede openen op de harp.

Psalmen 57:9
Waak op, mijn eer! waak op, gij, luit en harp! ik zal in den dageraad opwaken.

Psalmen 71:22
Ook zal ik U loven met het instrument der luit, Uw trouw, mijn God; ik zal U psalmzingen met de harp, o Heilige Israëls!

Psalmen 81:3
Heft een psalm op, en geeft de trommel; de liefelijke harp met de luit.

Psalmen 92:4
Op het tiensnarig instrument en op de luit, met een voorbedacht lied op de harp.

Psalmen 98:5
Psalmzingt den HEERE met de harp, met de harp en met de stem des gezangs,

Psalmen 108:3
Waak op, gij luit en harp! ik zal in den dageraad opwaken.

Psalmen 147:7
Zingt den HEERE bij beurte met dankzegging; psalmzingt onzen God op de harp.

Psalmen 149:3
Dat zij Zijn Naam loven op de fluit; dat zij Hem psalmzingen op de trommel en harp.

Psalmen 150:3
Looft Hem met geklank der bazuin; looft Hem met de luit en met de harp!

Jesaja 16:11
Daarom rommelt mijn ingewand over Moab, als een harp, en mijn binnenste over Kir-heres.

Jesaja 23:16
Neem de harp, ga in de stad rondom, gij vergeten hoer! speel wel, zing veel liederen, opdat uwer gedacht worde!

Jesaja 24:8
De vreugde der trommelen rust; het geluid der vrolijk huppelenden houdt op, de vreugde der harp rust.