woord OT NT apo Bijbel
hieuw144321

Vindplaatsen van hieuw in het Nieuwe Testament. Het woord komt er 4 keer voor, in 4 verzen.

MattheĆ¼s 26:51
En ziet, een van degenen, die met Jezus waren, de hand uitstekende, trok zijn zwaard uit, en slaande den dienstknecht des hogepriesters, hieuw zijn oor af.

Marcus 14:47
En een dergenen, die daarbij stonden, het zwaard trekkende, sloeg den dienstknecht des hogepriesters, en hieuw hem zijn oor af.

Lukas 22:50
En een uit hen sloeg den dienstknecht des hogepriesters, en hieuw hem zijn rechteroor af.

Johannes 18:10
Simon Petrus dan, hebbende een zwaard, trok hetzelve uit, en sloeg des hogepriesters dienstknecht, en hieuw zijn rechteroor af. En de naam van den dienstknecht was Malchus.