woord OT NT apo Bijbel
hitte2381546

Vindplaatsen van hitte in de Apocriefe geschriften. Het woord komt er 15 keer voor, in 15 verzen.

4 Ezra 1:20
Heb ik niet, als u dorstte, de rots opengehouwen? en de wateren zijn daaruit gevloten tot verzadiging; voor de hitte heb ik u met bladeren der bomen gedekt.

4 Ezra 15:50
En de heerlijkheid uwer kracht zal als een bloem verdorren, wanneer de hitte zal opgaan, die over u zal gebracht worden.

4 Ezra 16:69
Want ziet, de hitte van een grote menigte wordt over u aangestoken, en zij zullen sommigen uit u wegrukken en zullen hen doden om de afgoden te zijn tot een spijs.

Judith 8:3
Want hij stond bij degene die de schoven bond in het veld, en de hitte kwam op zijn hoofd, en hij viel te bed, en stierf in zijn stad Bethulië, en zij begroeven hem bij zijn vaderen, in het veld dat tussen Dothaïm en Belamon ligt.

Boek der Wijsheid 2:4
En onze naam wordt mettertijd vergeten, en niemand zal aan onze werken denken, en ons leven gaat voorbij, gelijk de voetstappen van een wolk, en wordt verstrooid gelijk een nevel, die van de stralen der zon nagejaagd en van haar hitte bezwaard wordt.

Jezus Sirach 14:26
Hij zal van haar beschermd worden voor de hitte, en in haar heerlijkheid zal hij herberg hebben.

Jezus Sirach 18:16
Zal niet de dauw de hitte doen ophouden? zo is een woord beter dan een gave.

Jezus Sirach 34:17
De ogen des Heren zien op degenen die hem liefhebben; hij is hun een krachtig schild en sterk steunsel; een bescherming tegen de hitte, en een bescherming tegen de middag; een bewaring voor de aanstoot, en een hulp tegen de val.

Jezus Sirach 38:31
Zo ook een smid, die nabij het aanbeeld zit, en slaat het ijzerwerk gade; de damp van het vuur versmelt zijn vlees, en hij heeft met de hitte des ovens te strijden.

Jezus Sirach 43:3
Als zij op de middag is, verdroogt zij het land, en wie zal tegen haar hitte bestaan?

Jezus Sirach 43:4
Men blaast een oven aan tot werken der hitte, maar de zon verhit driemaal meer; die de bergen aansteekt, en vurige dampen uitblaast, en met het glinsteren van haar stralen de ogen verduistert.

Jezus Sirach 43:24
Maar een haastige genezing van al deze dingen is de nevel, de dauw die door de hitte ontstaat, verblijdt ze.

Baruch 2:25
Ziet, zij zijn uitgeworpen voor de hitte des daags en voor de koude des nachts, en zij zijn gestorven in zware moeiten, door honger en door zwaard, en door wegvoering.

Gezang in de vuuroven (Dan. 3) 1:66
Gij vuur en hitte looft de Here, prijst en roemt hem in der eeuwigheid.

Gezang in de vuuroven (Dan. 3) 1:67
Koude en hitte looft de Here, prijst en roemt hem in der eeuwigheid.