woord OT NT apo Bijbel
neem1453236213

Vindplaatsen van neem in de Apocriefe geschriften. Het woord komt er 36 keer voor, in 35 verzen.

4 Ezra 2:40
Sion, neem uw getal tot u, en besluit in u uw in het wit gekleden, die de wet des Heren vervuld hebben.

4 Ezra 14:24
Maar gij, bereid u veel busbomen tafelkens, en neem met u Sareas, Dabreas, Salemias, Echanus, en Asiël, deze vijf, welke bereid zijn om snel te schrijven;

Tobias (Tobit) 4:13
Kind, wacht u van alle hoererij, en neem u een vrouw van het zaad uwer vaderen, en neem geen vreemde vrouw, die niet is uit de stam uws vaders, dewijl wij kinderen der profeten zijn. Noach, Abraham, Izaäk, Jakob zijn onze vaderen van ouds af; gedenk, kind, dat deze allen vrouwen genomen hebben uit hun broederen, en zij zijn gezegend in hun kinderen, en hun zaad zal het aardrijk beërven.

Tobias (Tobit) 6:6
En de engel zeide tot hem: Snijd de vis in stukken, en neem het hart, en de lever, en de gal, en leg ze weg om te bewaren.

Tobias (Tobit) 7:12
En Tobias zeide: Ik zal hier geen spijs smaken, totdat gij hier zult staan, en, het mij toegestaan zult hebben. Raguël zeide: Neem haar van nu aan tot u, naar recht, want gij zijt haar broeder, en zij is uw zuster.

Tobias (Tobit) 7:15
En nemende haar bij de hand, gaf hij haar Tobias tot een vrouw, en zeide: Zie, neem haar naar de wet van Mozes tot u, en breng haar tot uw vader; en hij zegende haar.

Tobias (Tobit) 8:7
En nu Here, niet om hoererij neem ik deze mijn zuster, maar in oprechtheid.

Tobias (Tobit) 9:3
Neem met u een jongen, en twee kemels, en trek naar Ragis in Medië, tot Gabaël, en haal mij het geld, en breng hem mede tot de bruiloft, dewijl Raguël gezworen heeft, dat ik van hier niet gaan zal.

Tobias (Tobit) 11:4
En neem de gal van de vis in de hand.

Tobias (Tobit) 12:5
Neem de helft van alles wat gij meegebracht hebt,

Tobias (Tobit) 14:6
En hij werd zeer oud, en hij riep zijn zoon, en zijn zes kleinzonen, en zeide tot hem: Kind, neem uw zonen met u, ziet, ik ben oud geworden, en ben nabij om uit dit leven te scheiden, vertrek naar Medië, mijn kind; want ik houd voor gewis, dat alles wat Jona de profeet heeft gesproken over Nineve geschieden zal, en dat het verwoest zal worden, (doch in Medië zal meer vrede zijn voor een tijd) en dat onze broeders over de aardbodem zullen verstrooid worden, uit het goede land; en Jeruzalem zal woest wezen, en het huis Gods daarin zal verbrand worden, en zal woest zijn voor een tijd.

Judith 11:4
En Judith zeide tot hem: Neem de woorden uwer dienstmaagd aan, en laat uw dienstmaagd voor uw aanschijn spreken, en ik zal deze nacht mijn heer geen leugen boodschappen. En indien gij de woorden uwer dienstmaagd zult volgen, zo zal God de zaak met u volkomen uitvoeren, en mijn heer zal niet vervallen van zijn aanslagen.

Jezus Sirach 1:29
Maar de geveinsden niet met monden der mensen: en neem acht op uw lippen.

Jezus Sirach 2:4
Neem gaarne aan al wat u zou mogen overkomen, en in de verandering van uw vernedering zijt lankmoedig.

Jezus Sirach 4:23
Neem de gelegenheid des tijds waar, en wacht u van het boze.

Jezus Sirach 4:26
Neem de persoon niet aan tegen uw ziel, en word niet schaamrood in uw ongeval.

Jezus Sirach 4:32
Onderwerp uzelf aan geen dwaas mens, en neem de persoon des machtigen niet aan.

Jezus Sirach 7:24
Hebt gij dochters, neem acht op haar lichaam en stel uw aangezicht niet blijde tegen haar.

Jezus Sirach 12:4
Geef degene die God vreest, en neem u de zondaar niet aan.

Jezus Sirach 12:6
Want ook de Allerhoogste haat de zondaars, en de godvrezende zal hij wreken, maar genen bewaart hij tot de krachtige dag der wraak. Geef degene die vroom is, en neem u de zondaar niet aan.

Jezus Sirach 13:2
Neem in uw leven geen last op, die u te zwaar is, en heb geen gemeenschap met degene, die sterker en rijker is dan gij.

Jezus Sirach 13:15
Bewaar uzelf, en neem vlijtig acht als gij hem hoort, want gij wandelt met uw val.

Jezus Sirach 14:16
Geef en neem, en heilig uw ziel.

Jezus Sirach 24:10
Vóór de wereld, van den beginne heeft hij mij geschapen, en tot in eeuwigheid neem ik niet af; in een heilige tabernakel heb ik in zijn tegenwoordigheid gediend;

Jezus Sirach 26:12
Neem acht op haar onbeschaamd oog, en verwonder u niet, indien zij verkeerd tegen u zou handelen.

Jezus Sirach 27:12
Neem onder de onverstandigen de tijd waar, maar houd u steeds onder de bedachtzamen.

Jezus Sirach 29:12
Neem u de arme aan vanwege het gebod, en keer u niet af van zijn behoeftigheid.

Jezus Sirach 29:24
Neem u des naasten aan naar uw vermogen, en heb acht op uzelf dat gij niet valt.

Jezus Sirach 36:9
Neem de tegenpartijder weg, en verbrijzel de vijand.

Jezus Sirach 42:1
SCHAAM u niet vanwege deze navolgende dingen, en neem geen persoon aan om te zondigen.

Baruch 4:2
Bekeer u, Jakob, en neem haar aan; wandel tot verlichting voor het licht derzelve.

Gebed van Azaria (Dan. 3) 1:35
En neem uw barmhartigheid niet van ons, om Abrahams wil, die door u geliefd is, en om Izaäk uws knechts wil, en om Israël uws heiligen wil;

Gebed van Azaria (Dan. 3) 1:40
Maar neem ons aan, in een verbroken hart, en in een vernederde geest; gelijk als in brandoffer van rammen en stieren, en in vele duizend vette schapen, zo zij heden onze offerande voor u, en zij volmaakt bij u, want zij zullen niet beschaamd worden, die op u betrouwen.

Bel en de draak (Dan. 14) 1:36
En Habakuk riep en zeide: Daniël, Daniël, neem dit middageten, dat u God gezonden heeft.

2 Makkabeeën 15:16
Neem dit heilige zwaard, een geschenk van God, met hetwelk gij de vijanden zult verwonden.