woord OT NT apo Bijbel
wandelde409251

Vindplaatsen van wandelde in het Nieuwe Testament. Het woord komt er 9 keer voor, in 9 verzen.

Mattheüs 14:29
En Hij zeide: Kom. En Petrus klom neder van het schip, en wandelde op het water, om tot Jezus te komen.

Marcus 5:42
En terstond stond het dochtertje op, en wandelde; want het was twaalf jaren oud; en zij ontzetten zich met grote ontzetting.

Marcus 11:27
En zij kwamen wederom te Jeruzalem. En als Hij in den tempel wandelde, kwamen tot Hem de overpriesters, en de Schriftgeleerden, en de ouderlingen.

Johannes 5:9
En terstond werd de mens gezond, en nam zijn beddeken op en wandelde. En het was sabbat op denzelven dag.

Johannes 7:1
En na dezen wandelde Jezus in Galilea; want Hij wilde in Judea niet wandelen, omdat de Joden Hem zochten te doden.

Johannes 10:23
En Jezus wandelde in den tempel, in het voorhof van Salomo.

Johannes 11:54
Jezus dan wandelde niet meer vrijelijk onder de Joden; maar ging van daar naar het land bij de woestijn, naar de stad, genaamd Efraïm, en verkeerde aldaar met Zijn discipelen.

Handelingen 3:8
En hij, opspringende, stond en wandelde, en ging met hen in den tempel, wandelende en springende, en lovende God.

Handelingen 14:10
Zeide met grote stem: Sta recht op uw voeten! En hij sprong op en wandelde.