woord OT NT apo Bijbel
ware666722155

Vindplaatsen van ware in de Apocriefe geschriften. Het woord komt er 22 keer voor, in 22 verzen.

4 Ezra 1:18
Waarom hebt gij ons in deze woestijn gebracht, om ons te doden? het ware ons beter geweest de Egyptenaars te dienen, dan in deze woestijn te sterven.

4 Ezra 4:12
En ik zeide tot hem: Het ware beter dat wij niet waren, dan dat wij nog levende zouden leven in goddeloosheid, en zouden lijden, en niet verstaan om welke zaak.

4 Ezra 7:46
Toen antwoordde ik, en zeide: Dit is mijn eerste en laatste reden, dat het beter ware geweest aan Adam het aardrijk niet te geven, of als hij het hem gegeven had, hem te beletten dat hij niet zou zondigen.

4 Ezra 12:44
Indien gij ons dan verlaat, hoe veel beter ware het ons, dat wij ook met de brand Sions verbrand waren?

Tobias (Tobit) 5:26
Och of dat geld nooit voorgekomen ware, maar dat hetgeen wij bijeengeschraapt hebben, van onze zoon zijn mocht.

Boek der Wijsheid 6:17
Want haar beginsel is de ware begeerte der onderwijzing, en de bezorging van onderwezen te worden is liefde,

Boek der Wijsheid 7:17
Want hij heeft mij gegeven ware kennis der dingen die zijn, om te weten de gestalte der wereld, en de werkingen der elementen.

Boek der Wijsheid 12:27
Want over welke dingen zij zeer ontevreden waren, als zij daarom leden, namelijk over deze die zij meenden dat goden waren, ziende dat zij door deze gestraft werden, hebben zij bekend, dat hij een ware God was, die zij eertijds hadden geweigerd te kennen; waarom ook de uiterste verdoemenis over hen gekomen is.

Boek der Wijsheid 14:17
Welke, daar de mensen niet konden tegenwoordig zijn, om hen te eren, omdat zij verre woonden, hebben zij hun aangezicht, dat verre van hen was, afgebeeld, en hebben een schijnbaar beeld gemaakt van de koning die zij eerden; opdat zij met vlijt zouden mogen vleien de afwezige, alsof hij tegenwoordig ware.

Boek der Wijsheid 17:17
Want het ware dan een landman of een herder, of een die moeilijker werken doet in de woestijn, zijnde verrast, zo moest hij de onvermijdelijke nood dragen.

Jezus Sirach 16:11
En alzo heeft de Here zeshonderd duizend mannen te voet, welke tezamen vergaderd waren in de hardigheid hunner harten, door ontferming en kastijding behouden, geselende, ontfermende, slaande, genezende; indien dan een hardnekkige zou zijn onder het volk, het ware een wonder dat die ongestraft zou blijven.

Jezus Sirach 30:4
Is zijn vader gestorven, zo is het alsof hij niet gestorven ware, want hij heeft achter zich gelaten een die hem gelijk is.

Jezus Sirach 45:7
Aäron, zijn broeder, uit de stam van Levi, heeft hij verhoogd, dat hij heilig en hem gelijk ware.

Baruch 6:41
Verzoekende dat hij zou spreken, alsof het hem mogelijk ware te verstaan, en hoewel zij het tegendeel bemerken, zo kunnen zij zulks niet nalaten, want zij hebben geen gevoel.

1 Makkabeeën 2:19
En Mattathias antwoordde en zeide met een grote stem: Al ware het dat alle volken, die in het huis en koninkrijk des konings zijn, hem gehoorzaamden, dat een ieder van hen afviel van de godsdienst zijner vaderen, en zijn geboden aannam;

1 Makkabeeën 6:11
En ik heb gezegd in mijn hart: Tot wat een verdrukking ben ik gekomen, en tot wat een grote vloed, waarin ik nu ben! Och, of ik goedertieren en bemind ware geweest in mijn heerschappij!

2 Makkabeeën 3:12
En dat men ongelijk zou doen aan degenen, die vertrouwd hebben op de heiligheid der plaats, en op de eerwaardigheid en vrijdom van de tempel, die door de gehele wereld geëerd is, en dat derhalve zulks gans ondoenlijk ware.

2 Makkabeeën 3:32
En de hogepriester, beducht zijnde dat de koning te eniger tijd zou denken, dat tegen Heliodorus door de Joden enig kwaad stuk bedreven ware, heeft voor des mans gezondheid offerande gedaan.

2 Makkabeeën 4:1
De voorzeide Simon, die een verrader was geworden van het geld en van zijn vaderland, sprak kwalijk van Onias, alsof hijzelf Heliodorus geslagen had, en aanstichter ware geweest van al dit kwaad.

2 Makkabeeën 5:18
Want ware het niet gebeurd, dat zij tot vele zonden gebracht waren, gelijk die Heliodorus, die gezonden was van de koning Seleucus, om de schatkamer te bezichtigen, zo zou ook deze terstond, als hij ingekomen was, gegeseld zijnde, van zijn stoutheid afgekeerd geweest zijn.

2 Makkabeeën 5:25
Deze, als hij gekomen was te Jeruzalem, veinzende, dat hij vreedzaam ware, heeft zich stilgehouden tot de heilige dag van de Sabbat; op welke, daar hij de Joden vond, vierdag houdende, zo gebood hij die onder hem stonden, dat zij zich zouden in de wapenen begeven.

2 Makkabeeën 12:3
En die van Joppe bedreven aan de Joden dit schelmstuk. Zij baden de Joden, die bij hen woonden, dat zij met vrouwen en kinderen met hen zouden gaan in enige schuiten door hen besteld, alsof daar geen vijandschap tegen hen ontstaan ware.