woord OT NT apo Bijbel
werpen41191373

Vindplaatsen van werpen in de Apocriefe geschriften. Het woord komt er 13 keer voor, in 12 verzen.

4 Ezra 15:35
En zij zullen tegen elkander stoten, en zullen vele sterren ter aarde werpen, en ook hun eigen sterren, en het bloed door het zwaard vergoten, zal tot de buik toe vloeien.

Judith 9:9
En te bevlekken de tabernakel der rust van uw heerlijke naam, en met het breekijzer om te werpen de hoorn van uw altaar.

Jezus Sirach 6:22
Zij is bij hem gelijk een harde steen der beproeving, en hij zal niet vertoeven haar weg te werpen.

Jezus Sirach 8:19
Verwek geen strijd met een toornige, en ga niet met hem door de woestijn, gelijk als niets is het bloed in zijn ogen, en waar geen hulp is, daar zal hij u ter neder werpen.

Jezus Sirach 10:10
Want deze biedt ook zijn eigen ziel te koop, want zijn ingewanden werpen deze weg, terwijl hij nog leeft.

Jezus Sirach 12:15
En de vijand zal wel met zijn lippen zoet spreken, maar in zijn hart zal hij beraadslagen om u in een gracht te werpen.

Jezus Sirach 47:5
Toen hij zijn hand ophief om met de steen des slingers de trots van Goliath terneder te werpen.

Bel en de draak (Dan. 14) 1:41
En die oorzaak waren van zijn verderf, liet hij in de kuil werpen, en zij werden terstond verslonden in zijn tegenwoordigheid.

1 Makkabeeën 6:51
En hij sloeg zijn leger tegen het heiligdom vele dagen, en hij stelde daar stormgereedschap en instrumenten van geweld om vuur en stenen te werpen; en schorpioenen, om pijlen te werpen en te slingeren.

2 Makkabeeën 8:18
En hij zeide: Dezen vertrouwen op hun wapenen en stoutheid, waar wij vertrouwen op de almachtige God, die machtig is dezen, die tegen ons komen, en ook de gehele wereld, met één wenk ter neder te werpen.

2 Makkabeeën 9:15
En dat hij de Joden, die hij voorgenomen had zelfs niet met een begrafenis te verwaardigen, maar de vogels tot een aas, en de wilde beesten, met de kleine kinderen, voor te werpen, allen tezamen die van Athene gelijk zou maken;

3 Makkabeeën 5:28
Met een zeer onreine eed vast gezworen, dat hij niet alleen dezen zonder enig verwijl wilde straffen, met de knieën en voeten dezer wrede beesten, en zo ten grave zenden, maar ook tegen Judea een heerleger voeren, en het land snel te vuur en te zwaard te gronde werpen, en hun heiligdom, waar zij de offeranden offerden daar wij niet mogen ingaan, zeide hij in der haast met vuur verbranden, en te allen tijd in de as laten liggen.