woord OT NT apo Bijbel
wilden12122751

Vindplaatsen van wilden in de Apocriefe geschriften. Het woord komt er 27 keer voor, in 25 verzen.

4 Ezra 13:34
En een ontelbare menigte zal bijeen vergaderen, alsof zij wilden komen en hem bestrijden.

4 Ezra 13:42
Daar wilden zij hun rechten onderhouden, die zij in hun land niet gehouden hadden.

Judith 5:7
En zij hebben eerst als vreemdelingen gewoond in Mesopotamië. Want zij wilden niet volgen de goden hunner vaderen, welke in het land van Chaldea waren;

Boek der Wijsheid 13:6
Maar nochtans is in deze de klacht gering, want ook misschien worden zij verleid, God zoekende die zij gaarne wilden vinden;

Susanna (Dan. 13) 1:11
Overmits zij zich schaamden hun lusten te verhalen, en dat zij met haar wilden te doen hebben.

1 Makkabeeën 4:6
En zo haast het dag was, is Judas gezien in het vlakke veld met drieduizend man; doch zij hadden geen deksels noch zwaarden, zo zij gaarne wilden.

1 Makkabeeën 5:50
Ik zal maar door uw land doortrekken om te komen in ons land, en niemand zal ulieden enig kwaad doen, wij zullen alleen te voet daardoor gaan; doch zij wilden hem niet opendoen.

1 Makkabeeën 5:67
En die dag vielen de priesters in de strijd, daar zij een mannelijke daad wilden doen, omdat zij ten strijde trokken zonder raad.

1 Makkabeeën 8:13
En dat allen, die zij wilden helpen en laten regeren, dat die regeerden; en dat zij degenen, die zij wilden, afzetten, en dat zij zeer verheven waren;

1 Makkabeeën 11:44
En die van de stad vergaderden in het midden van de stad, omtrent honderdentwintigduizend man, en wilden de koning doden.

1 Makkabeeën 11:48
En die van de stad ziende dat de Joden de stad bemachtigd hadden, gelijk zij wilden, zijn in hun gemoed verslagen geworden, en riepen tot de koning met smeking,

1 Makkabeeën 12:34
Want horende, dat zij de sterkte wilden overgeven aan die het met Demetrius hielden, zo stelde hij daar een bezetting in, om ze te bewaren.

1 Makkabeeën 14:31
Als hun vijanden in hun land wilden invallen, om hun land te verwoesten, en hun handen uit te strekken tegen hun heiligdom;

2 Makkabeeën 4:16
Om dezer oorzaak wil is over hen een zware ellende gekomen, dat zij hen tot vijanden en straffers hebben gekregen, wier leidingen zij naijverden, en wie zij in alles zich gelijk wilden maken.

2 Makkabeeën 6:23
Maar hij nemende een eerlijk besluit, dat zijn jaren en voortreffelijkheid des ouderdoms betaamde, en zijn grauwe haren, die hij met ere had verkregen, en zijn eerlijke opvoeding, die hij van zijn jeugd aan had gehad, ja ook veel meer de heilige en van God ingestelde wetgeving, heeft vervolgens geantwoord, zeggende dat zij hem haastig naar het graf wilden zenden.

2 Makkabeeën 11:7
En Makkabeüs zelf nam eerst de wapenen op, en vermaande de anderen, dat zij met hem zich in gevaar wilden begeven, om hun broeders te hulp te komen.

2 Makkabeeën 12:4
En als zij, volgens het algemeen besluit der stad, dit aannamen, als die in vrede wilden leven, en geen kwaad vermoeden hadden, nadat zij in zee gevaren waren, hebben die van Joppe hen in de zee verdronken, zijnde niet minder dan tweehonderd.

2 Makkabeeën 12:8
Als hij verstaan had, dat die van Jamnia ook op dezelfde wijze wilden handelen met de Joden, die bij hen woonden,

2 Makkabeeën 12:42
En tot het gebed gekeerd zijnde, baden zij dat de zonde, die daar begaan was, volkomen mocht uitgewist worden; en de kloekhartige Judas vermaande de menigte, dat zij zich wilden bewaren, dat zij zonder zonde mochten zijn, als die voor hun ogen hadden gezien hetgeen geschied was, om der zonden wil dergenen, die gevallen waren.

2 Makkabeeën 13:14
Hij dan, de zorg bevolen hebbende aan de schepper der wereld en vermaand hebbende degenen die met hem waren, dat zij kloekmoedig tot de dood toe wilden strijden voor de wetten, tempel, stad, vaderland en regering sloeg omtrent Modin zijn leger op.

2 Makkabeeën 13:25
En als hij te Ptolomaïs gekomen was, waren die van Ptolomaïs zeer ontevreden over de verbonden, want zij namen het zeer kwalijk dat zij de verbonden wilden verbreken.

3 Makkabeeën 1:19
Daarbenevens sommigen van de burgers verstoutten zich en wilden het niet toestaan; als hij eindelijk aanhield, en zijn voornemen dacht te volbrengen, riepen zij dat men de wapenen grijpen en mannelijk voor de vaderlijke wet sterven zou, en zij maakten aan die plaats een grote verbittering.

3 Makkabeeën 3:7
Ja ook sommige buren en vrienden, en die met hen handelden, heimelijk enigen tot zich trekkende, en deden beloften, dat zij hen mede wilden beschermen, en alles toebrengen tot hun hulp.

3 Makkabeeën 3:15
Intussen maakten wij aan allen bekend bij hun landslieden, dat wij het ongelijk wilden vergeten, en dat wij willens waren, zowel om het bondgenootschap, als ook omdat hun van overoude tijden talloos vele zaken door eenvoudigheid toevertrouwd waren, hun staat in beter te veranderen, en hen wilden aannemen, in de gemeenschap van het altijddurende priesterdom, en verwaardigden met het burgerschap der burgers van Alexandrië.

3 Makkabeeën 7:16
En toen zij te Ptolomaïs met vrede gekomen waren, in behoorlijke dankzegging, zo hebben zij daar ook besloten, dat zij op gelijke wijze daar met vrolijkheid die dagen wilden vieren, zolang zij in vreemdelingschap leefden.