Pieter Bruegel de Oude ca. 1520 – 1569

De parabel van de blinden

tempera op doek (85 × 154 cm) — 1568
Museum Museo di Capodimonte, Napels

Biografie van Pieter Bruegel de Oude

Bestel een reproductie

Dit werk is gekoppeld aan Mattheüs 15:14

Jezus had tegen zijn discipelen gezegd dat het niet nodig was de handen te wassen voor het eten. Schriftgeleerden en Farizeeërs waren daar verbolgen over, omdat het indruiste tegen de Joodse wetten. Toen de discipelen dat aan Jezus vertelden, was zijn repliek dat de Farizeeërs blinden waren die blinden leidden en allemaal in de sloot zouden belanden. Geen aandacht aan geven, dus.

Pieter Bruegel beeldt dat thema hier zeer letterlijk uit. De voorste blinde ligt al in de greppel, en de rest zal onvermijdelijk volgen.

Het schilderij is ook een fraaie studie van de verschillende fasen van de valbeweging. Bruegel was tegen het einde van zijn leven gefascineerd geraakt door het probleem een val goed uit te beelden. Let ook op de uitdrukkingen op de gezichten, die reiken van vertrouwen tot verbazing en schok.

De kerk op de achtergrond benadrukt de boodschap van Bruegel: loop niet blindelings achter leiders aan die je wegvoeren van de Kerk, anders loopt het slecht met je af.

De kerk is overigens die van Sint-Anna-Pede, in het Pajottenland, niet ver van Brussel waar Bruegel destijds woonde.

Bruegel schilderde vaak dermate gedetailleerd en nauwkeurig dat oogartsen naar verluidt vijf verschillende oogziekten kunnen herkennen in het schilderij.