Het boek Tobit anders genoemd Tobias


Het bijbelboek Tobit is een knap gecomponeerd verhaal met een gelukkig einde. Tobit, of Tobias senior, spande zich tijdens zijn leven in door het begraven van de lijken van vervolgde volksgenoten. Menigmaal werd hij zelf gedwongen te vluchten. Op een gegeven moment wordt hij blind, en denkt hij dat binnenkort zal sterven. Hij stuurt zijn zoon Tobias op pad om het geld op te halen dat hij aan iemand in bewaring heeft gegeven, en bidt tot God dat zijn zoon de reis mag volbrengen.

God verhoort dit gebed, en dat van Sara, een vrouw die reeds zeven maal getrouwd is, maar wier bruidegommen telkens in de bruidsnacht door een demon verslonden werden. De aartsengel Rafaƫl wordt op pad gestuurd om de jonge Tobias te begeleiden en bij Sara te brengen.

Dat gelukt, en het verhaal eindigt met de terugkomst van Tobias, mét Sara en het geld. Met het gal van een vis die hij onderweg gevangen heeft, kan Tobias de blindheid van zijn vader genezen.

Het boek wordt gedateerd rond 200 v.C. Het bevat diverse aansporingen om aalmoezen te geven en de doden te begraven.

Uitgebreide informatie over Tobit en Tobias stond ooit bij museum Meermanno en nu gelukkig nog in het Internet Archive[externe link].

De naam Tobit komt van het Hebreeuwse Tobia en betekent zoveel als 'mijn god is Jahweh'.